De bijnamen van der Pluijm

DE BIJNAMEN VAN-VAN DER PLUIJMEN IN HANK.

Voor echte Hankenaren was het een vast gegeven: Wie de bijnamen van het geslacht van der Pluijm niet uit elkaar wist te houden had een probleem. Maar hoe kan het toch dat in dit kleine dorp de naam van der Pluijm zo dominant voorkwam? Hiervoor moeten we ver terug in de tijd. We schrijven het jaar 1679. De Heeren van Hollant hadden besloten om de Verdroncken Waert gedeeltelijk weer in te gaan polderen. Een karwei dat voor die tijd gigantisch was en te vergelijken met de inpoldering van de Flevopolders uit deze tijd. Vermoedelijk uit de streek van Leiden streek hier Antonius Arise van der Pluijm neer. (1640-1715) Hij bood hand en span diensten aan bij de inpoldering. Wellicht omdat men hem niet goed verstaan had of omdat hij in zijn vrije tijd een Best Biertje brouwde kreeg hij de bijnaam van Bestebier. Het ging zelfs zover dat de penningmeester die de gelden beheerde van de Heeren van Hollant voor deze inpoldering dacht dat Bestebier zijn echte naam was en schreef op deze naam dan ook de rekeningen uit voor zijn werkzaamheden.

Antonius Arise van der Pluijm  1640-1715

Voorna(a)m(en): Theunis Ariens
Achternaam: Bestebier  ‎

Betaelt aen Theunis Ariens Bestebier, de somme van 16 pond 10 schellingen,over & in voldoeninge zijner declaratie van verscheijde daghgelden ten dienste van deze polder in het voorjaar 1682 verdient, soo int’ affsteecken van den dijck, de gaeten te peijlen, als anders.

Volgens de kronieken woonde Bestebier tussen de twee sluizen aan het einde van de Buitendijk. Zijn woonhuis wordt ter oriëntatie nogal eens vernoemd op die plaats. Die plaats is nu het vroegere café van Pieteke Bosch. (Piet van der Pluijm)

De generaties die volgden kregen weer gewoon de naam van der Pluijm. Zij werden echter zo talrijk dat men moeite had om al die van der Pluijmen uit elkaar te houden. Dus werden alras bijnamen ingevoerd. Bij de oprichting van de parochie in 1865 wist pastoor Lips niet wat hem overkwam. Bijna een kwart van zijn parochianen hadden de achternaam van der Pluijm. En als hij dan weer eens paartje op de pastorie kreeg die wilden gaan trouwen maar beiden van der Pluijm als achternaam hadden dan moest die arme pastoor voor de bisschop uitzoeken of het geen familie was van elkaar want volgens het kerkelijk wetboek was zo’n huwelijk verboden. Vol verve begon hij aan de hand van doopakten een stamboom te maken maar kwam er niet aan uit. Dan maar terugvallen op de bijnamen en hopen dat het geen directe familie van elkaar was. Zonder bijnamen lukte het niemand om de tak van der Pluijm uit elkaar te houden. Zo ontstonden o.a. de takken:

Toon van Pietjes, Marinus van Sjaanen, Piet van Arjane, van Kopen, Van Johan van Narriske, van Buurtjes, van Sjaantjes. En omdat in de bijnamen dubbelingen voorkwamen ging men over om de tak te vernoemen naar de vrouw. Zo ontstonden de grote families van van Diene, van Gonne, van Nelle, van Bosch, Dien Janssen. Bron: Archief*Kring Hank. Foto: Het stamhuis van de generatie van der Pluijmen in Hank, het voormalige café van Pieteke Bosch (van der Pluijm) Op het einde van de Buitendijk tussen de 2 sluizen in.